Youngtimerregeling 2027: vier opties op tafel, maar nog geen definitief besluit. De afgelopen maanden ontvangen wij veel vragen van ondernemers en youngtimerrijders.
De afgelopen maanden ontvangen wij veel vragen van ondernemers en youngtimerrijders:
Kan ik in 2026 nog gebruikmaken van de youngtimerregeling?
Gaat de leeftijdsgrens per 1 januari 2027 echt naar 25 jaar?
Komt er een overgangsregeling?
Kan ik nu nog verstandig een youngtimer aanschaffen?
En moet ik mijn huidige youngtimer vóór 2027 naar privé overbrengen?
Begrijpelijk, want de youngtimerregeling is eind 2025 ingrijpend gewijzigd. Vrijwel direct ontstond discussie over de gevolgen voor ondernemers, zakelijke rijders, autobedrijven en de youngtimermarkt.
Inmiddels heeft het ministerie van Financiën vier mogelijke alternatieven uitgewerkt. Maar laat één ding duidelijk zijn:
Er ligt nog geen definitief besluit over de reparatie van de youngtimerregeling.
Volgens de wet zoals die nu geldt, gaat de leeftijdsgrens per 1 januari 2027 nog steeds omhoog naar 25 jaar. Tegelijkertijd heeft een ruime meerderheid van de Tweede Kamer het kabinet gevraagd om van deze abrupte verhoging af te zien en met een geleidelijker overgang te komen. Die motie werd op 31 maart 2026 aangenomen met 124 stemmen voor.
Het kabinet heeft aangekondigd in augustus 2026 een inhoudelijke keuze te willen maken. Daarna moet die keuze nog worden verwerkt in wetgeving. Pas dan weten ondernemers waar zij juridisch en fiscaal daadwerkelijk aan toe zijn.
Wat is de youngtimerregeling ook alweer?
Wanneer een auto van de zaak onder de youngtimerregeling valt, wordt de fiscale bijtelling niet berekend over de oorspronkelijke cataloguswaarde, maar over de waarde in het economische verkeer, kortweg de WEV.
In 2026 bedraagt de bijtelling:
35% van de waarde in het economische verkeer van de auto.
Dat kan een belangrijk verschil maken. Een auto die ooit een cataloguswaarde had van € 80.000, kan tegenwoordig bijvoorbeeld een WEV van € 15.000 hebben.
De fiscale bijtelling wordt dan niet berekend over die oorspronkelijke € 80.000, maar over de actuele economische waarde van € 15.000.
Dat is precies waarom een goed onderbouwde en actuele WEV-taxatie zo belangrijk is. Een verkoopvraagprijs op internet is nog geen waarde in het economische verkeer. De waarde moet aansluiten bij de specifieke auto, de uitvoering, kilometerstand, onderhoudshistorie, staat, gebruikssporen en actuele markt.
Wat geldt er in 2026?
In 2025 lag de leeftijdsgrens voor de youngtimerregeling nog op 15 jaar. Per 1 januari 2026 is die grens verhoogd naar 16 jaar.
Een auto valt in 2026 in beginsel onder de youngtimerregeling wanneer deze meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen. De datum van eerste ingebruikname is dus belangrijker dan alleen het bouwjaar dat op het kenteken staat vermeld.
Voor een specifieke groep geldt in 2026 overgangsrecht. Het gaat om auto’s die:
in de loop van 2025 de leeftijd van 15 jaar bereikten; én
uiterlijk op 31 december 2025 al aan dezelfde werknemer ter beschikking waren gesteld of door dezelfde ondernemer zakelijk werden gebruikt.
Deze auto’s mogen gedurende heel 2026 onder de youngtimerregeling blijven vallen, ook in de maanden waarin zij nog geen 16 jaar oud zijn. Deze tijdelijke goedkeuring vervalt volgens het huidige besluit op 1 januari 2027.
Voor auto’s die pas in de loop van 2026 vijftien jaar oud worden, geldt deze uitzondering niet. Zij moeten eerst de reguliere leeftijdsgrens van 16 jaar bereiken.
Wat gebeurt er volgens de huidige wet per 1 januari 2027?
Wanneer er niets meer wordt aangepast, gaat de leeftijdsgrens per 1 januari 2027 omhoog van 16 naar 25 jaar.
Dat betekent dat een groot deel van de huidige youngtimers niet langer voor de regeling kwalificeert. Voor auto’s jonger dan 25 jaar wordt de bijtelling dan weer berekend over de oorspronkelijke cataloguswaarde.
Afhankelijk van het jaar van eerste toelating en eventueel overgangsrecht kan dat neerkomen op 22% of 25% bijtelling over de cataloguswaarde, in plaats van 35% over de veel lagere actuele WEV.
Voor veel ondernemers kan dit duizenden euro’s extra belastbaar inkomen per jaar betekenen.
Daarom is de discussie over een overgangsregeling geen theoretische Haagse discussie. Het gaat om echte auto’s, echte investeringen en echte ondernemers die hun keuzes hebben gebaseerd op de bestaande wetgeving.
Waarom ligt de regeling opnieuw op tafel?
De wijziging werd eind 2025 op een zeer laat moment aangenomen. Ondernemers en autobedrijven kregen daardoor nauwelijks tijd om hun wagenpark, investeringen en bedrijfsvoering aan te passen.
De Tweede Kamer heeft inmiddels erkend dat de plotselinge wijziging onbedoelde neveneffecten heeft veroorzaakt. In de aangenomen motie is expliciet uitgesproken dat moet worden afgezien van de verhoging van 16 naar 25 jaar in één stap per 2027. Het kabinet werd gevraagd om een geleidelijker transitiepad uit te werken.
Het ministerie heeft daarop vier mogelijkheden gepresenteerd.
Belangrijk: dit zijn beleidsopties en nog geen besluiten.
De vier opties voor de youngtimerregeling
Optie 1 – Bestaande auto’s permanent beschermen
Auto’s die uiterlijk op 31 december 2010 voor het eerst in gebruik zijn genomen, blijven permanent onder de youngtimerregeling vallen.
Voor auto’s die na die datum voor het eerst in gebruik zijn genomen, gaat de leeftijdsgrens wel naar 25 jaar.
Bij deze optie is de regeling gekoppeld aan de auto en niet aan de huidige eigenaar. Een kwalificerende auto uit 2010 blijft dus onder de regeling vallen wanneer deze wordt verkocht of van zakelijke gebruiker wisselt.
Dit geeft duidelijkheid aan ondernemers en beschermt de bestaande youngtimermarkt.
Optie 2 – Bescherming tot en met 2031
Ook bij deze optie blijven auto’s die uiterlijk op 31 december 2010 voor het eerst in gebruik zijn genomen voorlopig onder de regeling vallen.
Het verschil is dat deze bescherming tijdelijk is. Deze auto’s mogen tot en met 31 december 2031 gebruikmaken van de youngtimerregeling.
Vanaf 1 januari 2032 geldt ook voor deze auto’s de leeftijdsgrens van 25 jaar.
Deze variant geeft ondernemers meer tijd om hun investeringen, wagenpark en bedrijfsvoering aan te passen, maar biedt geen permanente zekerheid.
Optie 3 – De leeftijdsgrens blijft 16 jaar
Bij deze optie wordt de geplande verhoging naar 25 jaar vrijwel volledig teruggedraaid.
De leeftijdsgrens blijft dan vanaf 2027 op 16 jaar staan. Auto’s gaan dus opnieuw voor de regeling kwalificeren zodra zij 16 jaar oud zijn.
Dit komt het dichtst in de buurt van behoud van de huidige youngtimerregeling. Het ministerie ziet hier echter een aanzienlijk budgettair nadeel. Voor iedere reparatie moet volgens het kabinet financiële dekking worden gevonden.
Optie 4 – Stapsgewijs naar 25 jaar
Bij deze variant wordt de leeftijdsgrens gefaseerd verhoogd:
17 jaar in 2027;
20 jaar in 2028;
25 jaar in 2032.
Deze optie voorkomt de abrupte sprong van 16 naar 25 jaar per 1 januari 2027, maar betekent nog steeds dat veel auto’s tijdelijk of definitief buiten de regeling vallen.
Het is bovendien een ingewikkeld pad. Ondernemers moeten dan jaarlijks controleren of hun auto nog kwalificeert. Fiscale eenvoud wordt daarmee niet bepaald de grote winnaar.
De vier alternatieven en de financiële gevolgen daarvan zijn door het kabinet uitgewerkt. Alle varianten kosten geld ten opzichte van de al aangenomen versobering en moeten daarom volgens het ministerie van financiële dekking worden voorzien.
Wat is de inzet van Stichting Autobelangen?
Wouter van Embden en Stichting Autobelangen hebben op alle vier de opties gereageerd en daarnaast een eigen voorkeursvariant bij het ministerie ingediend.
De inzet blijft:
Terug naar een leeftijdsgrens van 15 jaar, eventueel gecombineerd met een beperkte en financieel onderbouwde verhoging van het bijtellingspercentage.
Het uitgangspunt daarbij is dat de bijtelling gebaseerd blijft op de werkelijke economische waarde van de auto, in plaats van op de historische cataloguswaarde van een auto die al vijftien, twintig of soms bijna vijfentwintig jaar oud is.
Dat uitgangspunt vind ik logisch. De bijtelling moet het werkelijke privévoordeel van een zakelijke auto zo goed mogelijk benaderen. Een theoretisch percentage over een cataloguswaarde uit 2008, 2009 of 2010 kan ver verwijderd zijn van de economische werkelijkheid van vandaag.
Het kabinet wil een verhoging van het huidige percentage van 35% overigens nog niet als dekking gebruiken. Eerst moet worden onderzocht of de bestaande bijtellingspercentages het werkelijke privévoordeel voldoende benaderen. De resultaten daarvan worden pas in het voorjaar van 2027 verwacht.2
Waarom ik lid ben geworden van Stichting Autobelangen
Ik heb besloten zelf lid te worden van Stichting Autobelangen.
Niet omdat ik het op ieder detail automatisch met iedere voorgestelde oplossing eens hoef te zijn, maar omdat een professionele vertegenwoordiging van automobilisten en ondernemers in Den Haag belangrijk is.
De praktijk van een ondernemer laat zich moeilijk volledig samenvatten in een rekenmodel.
Een ondernemer moet investeren, vooruitplannen, personeel en leveranciers betalen, risico dragen en keuzes maken op basis van de wetgeving die op dat moment geldt. Wanneer die spelregels kort voor de ingangsdatum fundamenteel worden gewijzigd, heeft dat directe gevolgen.
Er zitten zeker mensen met ondernemerservaring in de Tweede Kamer. Maar de definitie daarvan is ruim. In een inventarisatie van VNO-NCW telde bijvoorbeeld één jaar werkzaam zijn als zzp’er of adviseur al mee als ondernemerservaring.
Dat is waardevolle ervaring, maar niet altijd hetzelfde als jarenlang investeren, personeel in dienst hebben, voorraden financieren of persoonlijk ondernemersrisico dragen.
Juist daarom zijn belangenorganisaties nodig. Zij brengen praktijkervaring, marktgegevens en concrete gevolgen naar de tafels waar besluiten worden voorbereid.
Het youngtimerdossier laat zien dat een goed onderbouwde lobby verschil kan maken. De aanvankelijk geplande sprong naar 25 jaar leek eind 2025 een voldongen feit. Inmiddels heeft een ruime Kamermeerderheid om een ander transitiepad gevraagd en liggen er vier alternatieven op tafel.
De strijd is nog niet gewonnen, maar er wordt in ieder geval weer gesproken over oplossingen.
Stichting Autobelangen doet meer dan alleen youngtimers
Stichting Autobelangen ontwikkelt zich van een actie rondom één fiscaal dossier naar een bredere belangenorganisatie voor automobilisten en ondernemers.
Op de vernieuwde website wordt aandacht besteed aan onder meer:
de toekomst van de youngtimerregeling;
de pseudo-eindheffing voor fossiele auto’s van de zaak;
de verhoogde motorrijtuigenbelasting voor kampeerauto’s;
de hoogte van verkeersboetes;
een mogelijke eTimer- of greentimerregeling voor gebruikte elektrische auto’s.
Een professionele lobby kost tijd, onderzoek, kennis en doorzettingsvermogen. Een grote achterban geeft daarbij meer gewicht in gesprekken met ministeries, politieke partijen en Kamerleden.
Ondernemers, youngtimerrijders, autobedrijven en andere autoliefhebbers kunnen Stichting Autobelangen ondersteunen met een particulier lidmaatschap, een zakelijk lidmaatschap of een lidmaatschap voor autobedrijven.
Meer informatie vindt u op www.autobelangen.nl.
Wat kunt u als ondernemer nu het beste doen?
De grootste fout is op dit moment om te doen alsof één van de vier opties al definitief is.
Dat is niet zo.
Maak daarom onderscheid tussen de huidige wet en de mogelijke reparatie.
Rijdt u in 2026 al een youngtimer?
Controleer of de auto in 2026 daadwerkelijk onder de regeling valt en zorg voor een verdedigbare vaststelling van de waarde in het economische verkeer.
Gebruik niet zonder meer een oude taxatie of een willekeurige vraagprijs op internet. De automarkt, kilometerstand en toestand van uw auto veranderen.
Overweegt u nu een youngtimer te kopen?
Kijk niet alleen naar het fiscale voordeel van 2026. Laat ook doorrekenen wat er gebeurt wanneer de auto vanaf 2027 niet meer onder de regeling valt.
Bij auto’s die na 31 december 2010 voor het eerst in gebruik zijn genomen, is extra voorzichtigheid verstandig. In meerdere voorgestelde varianten gaat voor deze auto’s vanaf 2027 direct of op termijn een hogere leeftijdsgrens gelden.
Wilt u de auto overbrengen van zakelijk naar privé?
Neem zo’n beslissing niet uitsluitend op basis van geruchten of één politieke optie.
Bij een overdracht tussen onderneming en privé moet worden uitgegaan van de waarde in het economische verkeer op het moment van overdracht. Een objectieve WEV-taxatie helpt om die waarde richting uw accountant en de Belastingdienst te onderbouwen.
Bespreek meerdere scenario’s met uw accountant
Laat minimaal de volgende mogelijkheden doorrekenen:
De auto blijft zakelijk onder de youngtimerregeling.
De regeling vervalt voor de auto per 2027.
De auto wordt naar privé overgebracht.
U kiest voor een andere zakelijke auto.
U blijft zakelijk rijden, houdt een sluitende rittenregistratie bij en rijdt aantoonbaar niet meer dan 500 kilometer per jaar privé.
Een goede beslissing begint niet met paniek, maar met cijfers.
WEV-taxatie voor uw youngtimer
Voor toepassing van de youngtimerregeling en bij overdracht van een auto tussen zakelijk en privé is een goed onderbouwde waarde in het economische verkeer essentieel.
WEVtaxatie.nl helpt ondernemers met een onafhankelijke en transparante fiscale waardebepaling. U kiest zelf tussen:
een online WEV-taxatie;
een taxatie op locatie in Driebergen;
reguliere of versnelde levering;
een spoedtaxatie wanneer snel duidelijkheid nodig is.
Wij beoordelen niet alleen algemene marktprijzen, maar kijken naar de daadwerkelijke auto, uitvoering, kilometerstand, onderhoud, staat en relevante marktvergelijkingen.
Wilt u weten wat de actuele waarde in het economische verkeer van uw youngtimer is? Plan dan zelf uw WEV-taxatie via WEVtaxatie.nl.
Wij blijven de politieke ontwikkelingen volgen. Zodra duidelijk is welke variant daadwerkelijk wordt gekozen en hoe deze in de wet wordt vastgelegd, plaatsen wij een nieuwe update.
Het ministerie van Financiën onderzoekt een aanpassing van de 35%-bijtellingsregel voor youngtimers. Stichting Autobelangen heeft een formele zienswijze ingedie