Den Haag plakt pleister op youngtimerregeling
Nog geen drie maanden nadat Den Haag de youngtimerregeling flink had uitgekleed, lijkt er alweer een draai te komen.
Niets is zo veranderlijk als het weer. En de draaikonten in Den Haag. Want soms beseffen politici pas achteraf hoe ingrijpend sommige beslissingen kunnen zijn. Om dan toch weer met maatregelen te komen. Insert de youngtimerregeling
Eind 2025 werd een versobering van de youngtimerregeling aangenomen. Dit zorgde voor veel onrust binnen de autobranche. Want je zal maar met een voorraad auto's zitten die teren op deze constructie. Je verdienmodel naar z'n grootje met een harde beslissing van het Haagse. Daar komen ze nu op terug.
ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis – nota bene de indiener van het amendement dat de versobering veroorzaakte – wil de regeling weer aanpassen. Volgens hem heeft de maatregel voor een veel grotere schok gezorgd in de sector dan vooraf werd voorzien. Joh!
Van 15 naar 25 jaar
De discussie begon eind vorig jaar, toen de politiek besloot de youngtimerregeling fors aan te passen. Tot nu toe konden zakelijke rijders gebruikmaken van de regeling zodra een auto 15 jaar oud is. In dat geval betaal je bijtelling over de dagwaarde van de auto in plaats van over de oorspronkelijke catalogusprijs. Het bijtellingspercentage bedraagt daarbij 35 procent.
Een dikke Duitse sedan van twintig jaar oud kan zakelijk ineens een stuk aantrekkelijker zijn dan een nieuwe auto. Dit was de youngtimerregeling zoals we die jaren kennen.
In het aangenomen plan zou de leeftijdsgrens echter drastisch worden verhoogd. De grens zou eerst naar 16 jaar gaan en vervolgens in 2027 in één klap naar 25 jaar. Daarmee zou een groot deel van de huidige youngtimers feitelijk buiten de regeling vallen. Geen zachte overgang maar gewoon BAM.
Vooral voor Youngtimerhandelaren kwam de maatregel als donderslag bij heldere hemel. Iedereen wist wel dat de youngtimerregeling ooit op z'n einde zou lopen, maar zonder fatsoenlijke overgangsregeling zag niemand aankomen.
Grinwis erkent nu dat de gevolgen voor de branche groter zijn dan gedacht. In een commissiedebat over fiscaliteit gaf hij aan dat de sprong van 16 naar 25 jaar simpelweg te groot is.
Bevriezen op bouwjaar
Het kamerlid wil de versobering van de youngtimerregeling nu anders aanpakken. In plaats van de grens naar 25 jaar te laten springen, wil hij de regeling bevriezen op auto’s tot ongeveer bouwjaar 2011 of 2012.
Dat betekent in de praktijk dat auto’s uit die periode onder de youngtimerregeling kunnen blijven vallen, ook in de toekomst. Voor huidige rijders zou dat betekenen dat zij hun auto van de zaak kunnen blijven rijden met bijtelling over de dagwaarde.
Wel houdt Grinwis de mogelijkheid open om het bijtellingspercentage iets te verhogen. Momenteel bedraagt dat 35 procent van de dagwaarde, maar volgens hem zou dat eventueel met “een aantal procenten” omhoog kunnen als dat nodig is om het plan financieel rond te krijgen.
De youngtimerregeling gaat er dus nog steeds aan, maar minder rigoureus dan het oorspronkelijk voorstel van de ChristenUnie-man. Handelaren hebben op deze manier een pleister op de youngtimer-wond gekregen. Die pleister moet er een keer afgetrokken worden, maar ondertussen kunnen ze kijken naar een andere bedrijfsvoering voor de toekomst.